Service of SURF
© 2025 SURF
Piëzo materialen worden al veel toegepast. Er zijn diverse nieuwe ontwikkelingen, zoals het piëzo effect in composieten (PVDF). Het blijkt dat deze ontwikkelingen nog in een pril stadium zijn en voorlopig niet commercieel beschikbaar. Ondanks dat het piëzo principe al jaren bestaat weten ontwerpers er nog relatief weinig van. Het piëzo principe is misschien wel bekend, maar hoe deze materialen te gebruiken in een productontwerp is een grote stap verder. Bij piëzo wordt een mechanische spanning omgezet in een elektrische spanning en vice versa. Er zijn vele piëzo elementen (halffabricaten) commercieel beschikbaar. Al naargelang de gewenste toepassing, lineaire beweging, energy harvesting, sensor etc. kan het geschikte element worden gekozen. In dit document wordt de piëzo techniek uitgelegd aan de hand van voorbeelden. Doel is om inzicht te krijgen in de mogelijkheden, om zo een geschikte piëzo-techniek te kiezen. Dit document is opgeleverd in het project Innovatief Materialen Platform Twente (IMPT). In dit project heeft het IMPT 75 innovatieve materialen in kaart gebracht. Met een tiental materialen is toegepast onderzoek gedaan, zodat ondernemers en ontwerpers weten of en hoe zij deze kunnen toepassen.
MULTIFILE
In opdracht van het Groninger Instituut Archeologie van de Rijksuniversiteit Groningen en de Doggerland projectgroep is onderzoek gedaan naar de effectiviteit van de Reflectance Transformation Imaging (RTI) en fotogrammetrie. Deze twee technieken zijn toegepast op kaakfragmenten met gebitselementen uit het Mesolithicum en de Bronstijd om te onderzoeken of het mogelijk is om met deze technieken een verschil in dieet aan te tonen. Daarnaast is de Artec Spider 3D-scanner toegepast op de gebitselementen. Deze scans zijn gemaakt door externen, waarna de resultaten opgenomen zijn in het onderzoek. Uit het onderzoek is gebleken dat het vaststellen van specifieke verschillen van gebitsslijtage tussen jager-verzamelaars en vroege boeren niet mogelijk is op basis van de RTI-techniek en fotogrammetrie. Beide technieken leveren niet de gewenste resultaten. Zo maakt de RTI-techniek enkel een opname van bovenaf, waardoor de zijaanzichten van de gebitselementen niet onderzocht kunnen worden. De fotogrammetrische techniek is niet gedetailleerd genoeg. Zo vloeien verschillende gebitselementen in elkaar over en zijn sommige elementen niet scherp genoeg om met zekerheid vast te stellen of hier überhaupt slijtagesporen op zijn aangetroffen. Desondanks is het wel mogelijk geweest om de slijtagesporen in beeld te brengen met de Artec Spider 3D-scanner. Deze scanner maakt het mogelijk om de specifieke verschijnselen van gebitsslijtage op de gebitselementen uit het Mesolithicum en de Bronstijd in beeld te brengen.
MULTIFILE
In dit artikel staat de wisselwerking tussen leerstijl en omgeving voorop: verondersteld wordt dat leerstijl en omgeving meer of midner goed kunnen matchen, en dat dit mede van invloed is op de resultaten van het leren. Er worden vier habitus onderscheiden die aansluiten bij vier velden: het artistieke, het beroepen-, het wetenschappelijke en het letterenveld. Bij een aantal opleidingen werd onderzocht of inderdaad een relatie kon worden vastgesteld.